Dr. Rob Nepveu

Godsdienstfenomenoloog, studie theologie in Leiden. Promotie aldaar (1977).

Rob Nepveu behoort tot de religieus-humanistische stroming binnen Vrijzinnigen Nederland.
De vrijzinnig-Christelijke traditie vormt een belangrijke inspiratiebron voor deze stroming naast andere, waaronder vooral ook de Westerse filosofie.


Overdenkingen:
Begrijpen en verstaan
08 maart 2020
Tijd
09 februari 2020
Op zoek naar licht
08 december 2019
Eenvoud is het kenmerk van het ware (Boerhaave 1668-1738)
10 november 2019
Liever klein dan groot?
13 oktober 2019
Van honden, katten en mensen
08 september 2019
Religieus perspectief
18 augustus 2019
Over chaos en orde
14 juli 2019
Over de verbetering van mens en samenleving
16 juni 2019
Wat is de mens?
12 mei 2019
De betekenis van de mythe van de zondeval
14 april 2019
Er zij licht
10 maart 2019
Hoe nu verder?
16 december 2018
Religie, waarheid en werkelijkheid
16 september 2018
Is onze cultuur nog Christelijk te noemen?
15 juli 2018
Wat betekent Jezus nog voor ons?
06 mei 2018
Spreken over boven gaat over beneden
29 april 2018
Mysterie der werkelijkheid
11 maart 2018
De goede oude tijd?
14 januari 2018
Vrijzinnig geloof in deze moderne tijd
17 december 2017
Hebben wij een vrije wil?
12 november 2017
Religie en het concrete bestaan
22 oktober 2017
Schepping
10 september 2017
Mythe en waarheid
18 juni 2017
Openbaring. Wat houdt dat in?
09 april 2017
Geplukte kip of gouden ei
12 februari 2017
Survival en actualiteit
04 december 2016
Secularisatie en religie
23 oktober 2016
Vasthouden of loslaten
04 september 2016
Religieus humanisme
26 juni 2016
Leidt vrijzinnigheid tot ongeloof of juist tot geloof?
14 februari 2016
Hoezo vrijzinnig?
03 januari 2016
Zijn wij nog christelijk te noemen?
22 november 2015
Religieus besef en hoe nu verder?
13 september 2015
Wat is vrijzinnig?
04 januari 2015
Wat is openbaring?
04 augustus 2014
Geloven in God
15 juni 2014
Bestaansverheldering
09 februari 2014
Uit de kunst
06 september 2013
Taal en religie
10 februari 2013
Een andere kijk op God
09 augustus 2012
Waar of werkelijk?
13 februari 2011
Wie was eigenlijk Jezus van Nazareth?
29 augustus 2010
Waarom nog naar de kerk gaan
06 december 2009
Pinksteren, het feest van enthousiasme
31 mei 2009
Pinksteren, het feest van enthousiasme
31 mei 2009

Mythe en waarheid

Het is de vraag of in het moderne onderwijs aandacht wordt geschonken aan de mythologie van de Grieken en Romeinen. Als dat niet meer gebeurt is dat jammer, want naast de Bijbel heeft de mythologie van de oude volken, de Grieken, Romeinen en in mindere mate de Germanen, grote invloed gehad op de ontwikkeling van onze cultuur. Je ziet dat wanneer je aandacht schenkt aan literatuur, beeldende kunsten, architectuur en muziek. Maar al in de oudheid waren er denkers en schrijvers die kritiek hadden op de mythologische verhalen over allerlei goden, die te veel blijk gaven van menselijke ondeugden. In onze gekerstende wereld werden mythen op den duur beschouwd als producten van de menselijke fantasie, zonder enige betekenis.

Maar wie de mythen nauwkeuriger onderzoekt ziet dat er verschillende typen mythen bestaan. Sommige geven een ‘verklaring’ waarom b.v. ergens een bepaalde berg, met een bijzondere vorm, ligt. Dat soort verhalen heeft verder niets met waarheid van doen. Maar er zijn ook mythen met een diepe inhoud. Dat zijn b.v. mythen die handelen over de onherroepelijke sterfelijkheid van de mens. Zo vertellen sommige verhalen over de poging iemand terug te laten keren uit de onderwereld. Iemand zou, zo vertelt de betreffende mythe, zijn geliefde terug kunnen brengen uit het dodenrijk maar zou bij die onderneming niet om mogen kijken. Dat zou fataal zijn. En natuurlijk gebeurt dat met noodlottig gevolg. Mensen kunnen hun sterfelijkheid niet ontlopen. Maar de natuur wel. Zij sterft elk jaar in het najaar om in de lente uit de dood op te staan. Ook dat is in boeiende mythen weergegeven. Mythen als die over de sterfelijkheid van de mens en de onsterfelijkheid of beter de jaarlijkse opstanding uit de dood van de natuur bevatten die waarheid, in beeldende taal verhaald.

Het is kennelijk aantrekkelijk op religieus terrein allereerst te letten op overeenkomsten. Zo heeft men soms in de opstanding van Jezus overeenkomsten gezien met die van jaarlijks stervende en uit de dood herrijzende mythologische gestalten. Die laatsten hebben echter met de natuur te maken. Jezus is volgens het N.T.  één maal gestorven en één maal uit de dood opgestaan. En Jezus heeft niets met de natuur te maken. De auteurs van de boeken van het N.T. dachten anders dan wij. Zij leefden met een mythisch wereldbeeld en schreven over Jezus daarom anders dan wij nu zouden doen. Hun schrijfwijze was echter veel beeldender, de onze is daarbij vergeleken prozaïsch. Kenmerkend voor Jezus was zijn visie op de thora, de wet. Hij wilde niets daarvan schrappen. Maar voor hem was de wet er voor de mens, niet omgekeerd. Hij stelde de mens dus op de voorgrond. Maar bovenal ging hij uit van de liefde tot God die hij Vader noemde. Zijn opvatting over God is echter niet meer die van veel moderne mensen. Voor een deel van hen is God niet langer Iets of Iemand, die tegenover zijn schepping en schepselen staat, maar is er sprake van één werkelijkheid waaraan iedereen en alles deel heeft. Die ene werkelijkheid is enerzijds waarneembaar, anderzijds ondoorgrondelijk. Als zodanig vormt zij het Mysterie van al wat bestaat. Dat besef, dat inzicht noemt Spinoza de amor intellectualis dei. Moderne mensen zullen zich beter kunnen vinden in de opvatting over God van Spinoza dan in die van Jezus. Men zal vaak voorstellingen en opvattingen uit de Bijbel moeten vertalen in moderne, in deze tijd passende taal.