Walkartgemeenschap Zeist, Kerkweg 19-23, 3701 Zeist
| Door | Dr. Froukje Wirtz |
| Data | 4 november 2026 |
| Tijd | 14.30 - 16.30 uur |
| Plaats | Walkartcentrum, Kerkweg 19, Zeist |
| Opgave bij | Ineke Krediet, tel: 030-6923828 of via de contactpagina |
| Kosten | € 7,00 voor leden en vrienden van de Walkartgemeenschap; € 10,00 voor anderen. Er kan via QR-code betaald worden. Koffie of thee worden u aangeboden door de Walkartgemeenschap |
Was het jaarthema nu zin of onzin of zin en onzin? Beide zijn even boeiend. Maar het hoge woord mag er wat mij betreft meteen uit: beide bestaan in relatie tot elkaar en ik beschouw beide dan ook als een spanningsverhouding. Zin of onzin toont een keuzeprobleem; zin en onzin biedt een complexiteit. Over zin en onzin met betrekking tot psychologie is zoveel te vertellen dat ik vandaag mijn toevlucht neem tot drie inspiratoren.
Ze verwijzen naar drie letters: G. H. en I; verwijzend naar Pieter van de Griend, Thomas Hobbes en Eva Illouz.
Emotionele spanningen, zoals angst en deernis en de acceptatie daarvan vormen de kern van het verhaal van deze drie. Ter wille van de chronologische helderheid van het betoog speel ik af en toe iets met de alfabetische volgorde.
Spanningsverhoudingen dus. Bijvoorbeeld: Johan de Wit noemt in zijn voorbereidende notitie over het jaarthema de filosoof Hans Achterhuis. Hij schreef over: welzijn en geluk. Het één is gerelateerd aan het ander, zowel in positieve als in negatieve zin. Ook in diens Het rijk van de schaarste laat hij zien hoe armoede en rijkdom (b.v. van een enkeling of van een land) met elkaar samenhangen. En zeker in Zonder vrienden geen filosofie -ook van Achterhuis- wordt de onmisbare verbondenheid tussen mensen en medemensen overtuigend weergegeven. Een recent voorbeeld van een aangrijpende spanningsverhouding is het laatste boek van Lieke Marsman: De dichter en de duivel. Ook een complex duo.
Mensen krijgen hun kleur vanwege een spanningsverhouding
| Mijn leermeester in de psychologie, professor dr. ir Pieter C. van de Griend (1922-2001) hield zich bij uitstek bezig met spanningsverhoudingen. In zijn werk concentreerde hij zich op een grote aanjager van emotionele spanning in ons leven, namelijk angst. Het omgaan met deze emotie en het inzicht krijgen in deze ‘boosdoener’ leidde voor Van de Griend tot het zoeken naar en vinden van betrouwbare en ge-eigende persoonlijkheidsstructuren. Hierin staan angst en de reductie daarvan centraal. De titels van zijn boeken spreken duidelijke taal: In het perspectief van de angst; Ons aller probleem, de medemens; Relatievormen en zelfkennis. Wat betreft de persoonlijkheid was Van de Griend ervan overtuigd dat angst niet alleen een boosdoener is, maar ook zinvol kan zijn. Van belang is het leren kennen van de voor jou typerende spanningsverhouding in je persoonlijkheid. Van de Griends overtuiging was dat er in onze omgang met de menselijke grandeur en malaise een systeem moest zitten. Zijn onderzoek hiernaar resulteerde in een persoonlijkheids-psychologie of mentaliteitenleer. Noem het: de logica in je persoonlijke zin en onzin. Gefundeerde kennis van je eigen persoonlijkheidsstructuur kan ook heel zinvol zijn.
| ![]() |
|
| “Angst en ik waren tweelingen” Een van de basale filosofieën over angst en hoe die is te beteugelen is afkomstig van Thomas Hobbes (1588-1679). De eerste zin van diens nog altijd tot de verbeelding sprekende boektitel Leviathan -uit 1651- luidt: Angst en ik waren tweelingen: Fear and I where twins. Voor Hobbes is de andere mens steeds obstakel èn vergelijkingsmateriaal. Daarin spelen angst en macht centrale rollen. Hobbes observeert dat mensen elkaar imiteren, nadoen. Er is bij de mensen een nabootsende begeerte. Doelen -zo zegt Hobbes- worden niet meer omwille van zichzelf nagestreefd, maar omdat de ander ze ook wil bereiken. Steeds wordt de relatie tot bepaalde zaken die men wil hebben of bereiken, via de medemens bemiddeld. “De mens is de mens een wolf” is een bekend gezegde dat met Hobbes in verband wordt gebracht. Dit is niet met zekerheid vast te stellen, maar de beteugeling van de ‘oorlog van allen tegen allen’ door onderlinge hebzucht en afgunst, zag Hobbes in het samenstellen en formeren van een macht die allen ontzag inboezemt.
|
| Onderling vreugdevol en angst verwekkend verbonden: mens, medemens en wereld. Over de grote emoties van onze tijd gaat het recente boek van Eva Illouz: Explosieve moderniteit. Eva Illouz (geb. 1961) was hoogleraar sociologie aan de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem. Ze woont thans in Parijs. Evenals Van de Griend en Hobbes beschouwt Illouz de combinatie mens en medemens als complex, onderling vreugdevol en angst verwekkend. Bovendien is daar nu een onstuimige wereld waarvan wij deel uitmaken. Elke persoon(lijkheid) groeit op met familie, andere mensen, vrienden en het wereldgebeuren. Illouz gaat in Explosieve moderniteit in op het huidige tijdsgewricht in de wereld. Zij constateert dat emoties, angst en dreiging een enorme rol spelen. Hoe daaraan tegenwicht te bieden? Met name de onderlinge verwevenheid en complexiteit daarvan kan brandbaar worden/zijn. Illouz geeft in haar boek een indrukwekkende staalkaart van momenteel opspelende emoties. Zij toont aan dat door de kieren en scheuren van onbehagen ook de kracht van emoties zichtbaar wordt. Zodat innerlijke tegenstrijdigheden van elk kamp ook zinvol kunnen worden.
|
|