Mr.drs. Johan de Wit

Mr. drs. Johan de Wit is onze voorganger. Hij is in Leiden en in Kampen opgeleid tot jurist en theoloog. Naar eigen zeggen heeft hij zijn theologische studie ervaren als een heel uitgebreide cursus algemene ontwikkeling.

 

De verbeelding waartoe de menselijke geest in staat is, blijft hem verwonderen en vanuit die verwondering spoort hij ons aan tot zelfonderzoek.

Alles begint en eindigt bij het kennen van jezelf en wat ons is overgeleverd uit de oude boeken en met name de leringen en uitspraken van Jezus helpen ons daarbij. Door het filter van de man uit Nazareth kunnen wij de wereld anders zien dan wij gewend zijn en dat is, aldus Johan de Wit, het grote geheim van religieus zijn.

 

De vrijzinnigheid is voor hem de enige geloofsrichting waarin het raadsel van de verhouding tussen God en mens en ons bestaan in deze wereld op een aanvaardbare en voorstelbare manier ter sprake gebracht wordt.


Overdenkingen:
Pinksteroverdenking
05 juni 2022
De Christus van Paulus
15 mei 2022
Paasoverdenking
17 april 2022
Jotam
20 maart 2022
De onzekerheid van de ziel
20 februari 2022
Overdenking (Jezus en de armen)
16 januari 2022
Kerstoverdenking Zeist
25 december 2021
Grenzen van het ego
12 december 2021
Ruth
21 november 2021
Twijfels
17 oktober 2021
Overdenking (Jeremia en Jezus)
19 september 2021
Overdenking (David en Goliath)
15 augustus 2021
demonen
13 juni 2021
Pinksteroverdenking
23 mei 2021
Kerstoverdenking 2020
25 december 2020
150 jaar vrijzinnigheid
22 november 2020
De rijke jongeling
18 oktober 2020
Omgang met elkaar
20 september 2020
overdenking
16 augustus 2020
de creativiteit van eva
21 juni 2020
Paasboodschap 2020
12 april 2020
overdenking Jezus
16 februari 2020
Overdenking Simson
19 januari 2020
kerstoverdenking
25 december 2019
de vrijheid van Paulus
15 december 2019
overdenking
24 november 2019
spiritualiteit toen en nu
20 oktober 2019
Overdenking (wantrouwen machthebbers)
15 september 2019
klein en groot
01 september 2019
Pinksteroverdenking
09 juni 2019
de vrouw
19 mei 2019
paasoverdenking
21 april 2019
de verzoekingen van Jezus
17 maart 2019
vergankelijkheid
17 februari 2019
de zin van religie
20 januari 2019
spiritualiteit van kerst
25 december 2018
Het kinderpardon
09 december 2018
Vertrouwen
09 december 2018
overdenking (verlies van godsbeelden)
25 november 2018
Overgangen
21 oktober 2018
De anderen
02 september 2018
De richting van je leven
17 juni 2018
Overdenking Pinksteren (bezinning)
20 mei 2018
paasoverdenking
01 april 2018
innerlijke tegenkracht
18 maart 2018
De verlamde man
19 februari 2018
Toren van Babel
21 januari 2018
Kerstoverdenking
25 december 2017
Job
26 november 2017
De zondebok
15 oktober 2017
Het tiende gebod
17 september 2017
vrijheid
03 september 2017
overdenking Pinksteren
04 juni 2017
Meimaand Mariamaand
14 mei 2017
Overdenking Pasen 2017
16 april 2017
Blijf niet staren op wat vroeger was
19 maart 2017
Het nut van religie
19 februari 2017
overdenking kerst
25 december 2016
Beloften
11 december 2016
De roeping van Mozes
20 november 2016
Licht
16 oktober 2016
De ongrijpbaarheid van de liefde
18 september 2016
Schuld en schaamte
03 juli 2016
Angst
19 juni 2016
Pinksterpreek
15 mei 2016
Paaspreek
27 maart 2016
De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan
21 februari 2016
Het vijfde gebod
17 januari 2016
Kerstpreek 2015
25 december 2015
Menselijk tegenover
21 juni 2015
De trooster, heilige geest
17 mei 2015
Macht
15 maart 2015
Grondhoudingen van het koninkrijk
15 februari 2015
Kerstpreek 2014
25 december 2014
Richteren11: 29-35
16 november 2014
Correcties van de ziel
19 oktober 2014
Lazarus
21 september 2014
Licht
18 mei 2014
Paaspreek 2014
20 april 2014
De heilige geest
16 maart 2014
De bruiloft te Kana
16 februari 2014
De verloren zoon
19 januari 2014
Identiteit
17 november 2013
Eerbied voor de schepping
20 oktober 2013
Onze schaduw
15 september 2013
De ander
16 juni 2013
Pinksterpreek
19 mei 2013
Luchtfietserij
21 april 2013
Paaspreek 2013
31 maart 2013
Het koninkrijk van Jezus
17 maart 2013
Bildung
17 februari 2013
Wetenschap en wijsheid
27 januari 2013
kerstpreek 2012
25 december 2012
Wat blijft en voorbijgaat
18 november 2012
Geest
21 oktober 2012
Religie
16 september 2012
Verlangen naar eenheid
17 juni 2012
Het buitenissige
20 mei 2012
De kunst van het liefhebben
18 maart 2012
Verwachtingen
19 februari 2012
Idealisme
29 januari 2012
kerstpreek 2011
24 december 2011
Mens en tijd
20 november 2011
Vrijzinnigheid
16 oktober 2011
Wat beweegt ons?
04 september 2011
Het verlangen naar macht
15 mei 2011
Het verlangen naar macht
17 april 2011
Religie en wetenschap
20 maart 2011
Beeldvorming
20 februari 2011
De grenzen van het ego
23 januari 2011
Kerstpreek 2010
25 december 2010
Richting zoeken
27 november 2010
Metamorfosen
21 november 2010
Het goede leven
19 september 2010
Het 7e zegel
20 juni 2010
Hoeders
18 april 2010
Het onzichtbare christendom
21 maart 2010
Mozes
21 februari 2010
Simson
17 januari 2010
De Christus
15 november 2009
Hebben en zijn
18 oktober 2009
Een eigen weg
06 september 2009
Bevrijding door liefde
05 juli 2009
De verborgen Jezus
21 juni 2009
Leven in verhalen
17 mei 2009
Betekenis van het Evangelie
19 april 2009
De ander
15 maart 2009
Geest van de waarheid
15 februari 2009
God als geheim in ons leven
25 januari 2009
Kerstpreek 2008
25 december 2008
Verzet en overgave
21 december 2008
Tien geboden
16 november 2008
Relatie mens/natuur
19 oktober 2008
Het mysterie mens
21 september 2008
De geest
18 mei 2008
Liefde als leidraad
20 april 2008
Symbolen
13 april 2008
Exodus
30 december 2007
De 2e kant van de mens
16 december 2007
Geloven in de toekomst
09 december 2007
Natuur
02 december 2007
Trouw aan jezelf
26 november 2007
Projectie
19 november 2007
Geloof, hoop en liefde
12 november 2007
Vergeving
05 november 2007
Het leven als geschenk
28 oktober 2007
Ziel en geest
21 oktober 2007
Hoop
14 oktober 2007
Onderweg
07 oktober 2007
Martha en Maria
30 september 2007

Jotam

Kern van de overdenking

Het is niet zo dat God in de geschiedenis handelt door voor gerechtigheid te zorgen. God handelt alleen door mensen, mensen die zich verzetten tegen de vernedering van hun medemens. Mensen hebben zelf hun waarden, die hoeven zij niet te ontlenen aan de heerser die boven hen staat.

 

Overdenking Zeist 20 maart 2022 (de fabel van Jotam)

Het verhaal van Abimelech is een weerzinwekkend verslagvan een broedermoord, begaan omwille van de macht. In zeker opzicht belichaamt Abimelek de geschiedenis van heersers die, als de gelegenheid zich voordoet, met nietsontziende middelen al hun tegenstanders uitschakelen zonder aanziens des persoons.

 

Abimelek was kind van een hebreeuwse vader en een Kanaïtische moeder. In de hebreeuwse traditie is het niet geoorloofd dat een Hebreeër zich als koning opwerpt, in de traditie van Kanaän is dit juist niet zo. Elke stad in Kanaän had zijn eigen vorst. Maar Abimelek heeft niets met de traditie van zijn vader te maken. Hij wil koning worden, het gaat hem om de macht en het kan hem niet schelen wat de priesters daarvan vinden. De Kanaäitische stad Sichem had tot dan toe geen koning gehad, maar een familieraad, die uit zeventig personen bestond, een soort heilige raad waartoe Abimelek door bloedverwantschap ook behoorde. Dat was een heel erg moeizaam politiek systeem, zo’n familieraad. Steeds moest een groot aantal mensen geraadpleegd worden over wat er moest gebeuren. Die mensen moeten met elkaar overleggen, sommigen van hen zijn om te kopen en in geval van nood duurt het veel te lang om de vereiste besluiten te nemen en die ook tijdig uit te voeren.

 

Abimelek heeft de zeventig mensen van de familieraad, zijn eigen verwanten, achter zich staan en hij verwerft de goedkeuring van de burgers uit Sichem. Zij zijn bereid om Abimelek als hun leider te beschouwen. Maar Abimelek voelt niets voor een leiderschap dat beperkt wordt door familiebanden en traditionele verplichtingen. Op één dag, op één plaats, verbreekt hij de binding met zijn afkomst, met de gewoontes waarmee hij is opgegroeid, en hij jaagt ze allemaal over de kling, al zijn broeders, zodat er geen concurrenten zullen zijn, straks geen strijd over zijn opvolging zal zijn. Voor een man als Abimelek is er maar één oplossing om af te rekenen met zijn potiëntiele tegenstanders: vermoord ze.

 

Anders dan je zou verwachten vindt het volk van Sichem het allemaal prachtig. Het afslachten van Abimelek is voor hen geen reden om Abimelek te veroordelen, maar ze roepen hem tot koning uit. Op dat moment verschijnt Jotam, die zich had verstopt, ten tonele en vanaf de berg spreekt hij hen toe. Hij vertelt dat de bomen bijeen kwamen om een koning te kiezen. Natuurlijk willen ze de beste en de edelste van alle bomen en dat is de olijfboom. In het nabije Oosten is er niets dat waardevoller is dan een olijfboom. Het kost jaren voordat hij vrucht draagt, maar de oogst is ook geweldig. Olie voor de zonverbrande huid, olie voor het voedsel dat bereid wordt, er is niets dat zulke goede dingen voortbrengt als de olijfboom. Olijfbomen, zij vormen de basis voor het leven.

 

Een koning die zo waardevol is als een olijfboom, dat is de ultieme zegen voor een volk. Maar, zegt Jotam, mensen die echt belangrijk zijn voor andere mensen, die willen niet over andere mensen heersen. Zij zeggen tegen zichzelf: wat wij zijn is ruim voldoende; nuttig zijn, meer is niet nodig. Al het andere is minder belangrijk voor mensen die echt nuttig zijn. Geen olijfboom zul je ooit kunnen inzetten als heerser. Alleen het voorstel al zal die boom ervaren als een verzoeking.

 

Dan gaat het verhaal een stuk lager, naar de vijgeboom. Hij is niet erg nuttig, maar heel aangenaam en lekker. Wie wel eens een verse vijg heeft gegeten, weet hoe goed zo’n vijg smaakt. Meestal eten we de gedroogde variant, maar dat is net zoiets als gedroogde pruimen eten en dat vergelijken met de verse pruimen die je in de herfst van de bomen plukt. Elk kind op de Arabische markt prijst de vijgen aan als de mooiste vruchten van de markt. Is het denkbaar dat je mensen die zo aangenaam zijn, zo teder, zo liefdevol, ertoe kunt brengen om macht na te streven? Het kan toch niet de bedoeling zijn om alle plezier te vergallen door mensen te overheersen en hen te onderwerpen aan je macht?

 

Nog een stap verder en we gaan naar de wijnstok. De wijnstok is in staat om de mensen te bekoren tot een roes van vreugde en vertier. Net zolang tot ze versuft van genot ter aarde neigen.

Is het mogelijk dat we de politiek en de macht als een grote orgie vieren, als een nimmer eindigend feest? Mensen die niets anders willen dan anderen plezier bezorgen, die willen geen macht uitoefenen.

 

Uiteindelijk kiezen de bomen voor de doornstruik, een nutteloos gewas, dat iedereen in de weg staat en geen vruchten draagt, maar doornen produceert waaraan je je toe bloedens toe kunt prikken. En hier wordt de fabel van Jotam duidelijk.

 

Mensen die aan de macht willen komen vind je bij de laagste schepsels, die zijn het die zich vereerd zullen voelen door hun verkiezing tot heerser. Als jullie dat uitschot, die doornstruiken, die vokomen waardeloze figuren, tot heerser maken, dan begrijp je welke mensen steeds weer op de macht uit zijn. Dat wat zich onder de mensen groot wil maken, is geboren uit kleinheid van karakter. De minderwaardige schepsels zullen net zolang konkelen en samenzweren totdat ze helemaal bovenaan staan. Maar de mensen zijn wel heel dom als ze ingaan op de uitnodiging van de doornstruik om zich te onderwerpen aan zijn schaduw. Het is niets anders dan een harteloze oproep om mensen zo te kleineren dat ze zich beschut kunnen voelen door een doornstruik. De ondergang is er al bij inbegrepen, want een enkele vonk en alles staat in brand, zelfs de ceders van de Libanon zuellen daardoor verbranden.

Jotam houdt dit de mensen van Sichem voor, Hij wenst ze toe dat Abimelek de machtswellusteling en zijzelf elkaar opvreten tenzij ze oprecht hebben gehandeld en dat laatste gelooft Jotam niet.

 

Uiteindelijk komt Abimelek door een toeval om het leven. Hij wordt getroffen door een molensteen die door een vrouw van de stadsmuur wordt gegooid. Je zou er de hand van God in kunnen zien, maar ik denk dat God zich niet bemoeit met de loop van de geschiedenis. Als je beweert dat de machtshonger van mensen en de gevolgen daarvan uiteindelijk door de voorzienigheid van God worden bepaald, dan kom je terecht in een moeizame, ongeloofwaardige theologische constructie. Hoe moet je dan verantwoorden dat de zin voor rechtvaardigheid steeds weer teniet gedaan wordt in de loop van de menselijke geschiedenis? Je kunt dan misschien wel zeggen dat Abimelek dan toch maar te gronde ging, maar dan vergeet je dat er voor hem veel te veel mensen zijn gestorven voor wie dat natuurlijk nooit een troost kan zijn.

 

Het is niet zo dat God in de geschiedenis handelt door voor gerechtigheid te zorgen. God handelt alleen door mensen, mensen die zich verzetten tegen de vernedering van hun medemens. Mensen hebben zelf hun waarden, die hoeven zij niet te ontlenen aan de heerser die boven hen staat. Wij hebben geen koningen nodig, wij hebben geen heersers nodig, wij hebben niemand nodig die boven ons staat. Iedereen is vrij, dat is genoeg. In wezen is dat de boodschap van de bijbel als het gaat over God en mensen.

 

Met de fabel van Jotam in ons gehoor kunnen wij inspiratie putten uit een bijzonder gebed. Het gebed is gericht aan de God van Israël en komt uit de mond van Jezus. Jakob Bőhme bewerkte de tekst van dit gebed. Bőhme leefde tijdens de dertigjarige oorlog in Duitsland en was een mysticus en theoloog. Hij heeft dit gebed vroeg in de zeventiende eeuw op zijn manier weergegeven en we kunnen de tekst beschouwen als het Onze Vader in mystieke termen. Ik geef het hierna weer.

 

Geef mij toch het recht om te beseffen dat alle mensen van één afstammen en dat daarom al mijn medemensen broers en zusters zijn zoals een boom met zijn takken, dat ik ze allemaal moet liefhebben, zoals jij ons, God, met een enkele liefde in Jezus Christus voor de schepping van de wereld lief hebt gehad, nog liefhebt, en ons allemaal in zijn persoon verzoent. Wek dus toch ook diezelfde liefde in mij op en ontsteek daarmee mijn ziel en geest, zodat ik al mijn medemensen liefheb en hen van dienst ben en bereid ben, opdat jouw naam in ons allen geheiligd zal worden en jouw rijk in ons komt en jouw wil in ons geschiede, opdat wij allen in die liefde ons dagelijks brood hebben. En neem van ons het kwaad weg en de zware schuld, evenals je vloek en toorn, opdat de duivelse afgunst en gierigheid niet in ons opwellen en ons naar wraak en kwaadaardigheid voeren, dat we ook van harte van onszelf kunnen houden en elkaar de fouten en zwakheden kunnen vergeven, zoals jij ons door Jezus Christus dagelijks vergeeft.